TW 6.1 Bouwen, huizen & gebouwen
Lijst downloaden(!)
Leren
Spaans
Nederlands
Están construyendo mucho
Er wordt veel gebouwd.
Los gastos de construcción suben día a día.
De bouwkosten blijven stijgen.
el plano
de plattegrond, de tekening
el plano de construcción
het bouwplan, de bouwtekening
la arquitectura
de architectuur
reformar
renoveren, verbouwen
el solar
het bouwterrein, het perceel
la manzana
het huizenblok
Vamos a dar una vuelta a la manzana
We gaan een blokje om.
el chalé/chalet
het chalet, het vakantiehuisje
Está tu prima en casa?
Is je nicht thuis?
la chabola
de hut, de krotwoning, het krot
la planta
de verdieping
la finca
de grote boerderij, het landgoed
Esta finca es muy acogedora.
Dit is een erg gezellige boerderij
la hacienda
het grote boerenbedrijf
el tejado
het dak
la chimenea
de schoorsteen, de open haard
el pararrayos
de bliksemafleider
en la entrada están los buzones.
Bij de ingang bevinden zich de brievenbussen.
la fachada
de gevel
la escalera
de trap, het trappenhuis, de ladder
el escalón
de trede
el ascensor
de lift
El ascensor no funciona. Hay que subir por la escalera.
De lift werkt niet. We moeten naar boven via het trappenhuis.
Los vecinos de arriba
de bovenburen
el sótano
de kelder, het souterrain
el cristal
het glas, de ruit
el marco de la ventana
het raamkozijn
el limpiacristales
de glazenwasser
Hemos cambiado las ventanas por unas de doble cristal.
We hebben dubbel glas laten plaatsen.
el marco
het kozijn, de post
No te apoyes en el marco de la puerta.
Leun niet tegen de deurpost.
la terraza
het terras
la barandilla
de reling, de balustrade
la barandilla está recién pintada.
De reling is net geverfd.
el muro
de muur
el valla
de schutting, de omheining
el cemento
het cement
la arena
het zand
Para construir una casa se necesita, entre otras cosas, cemento, hormigón, arena, grava, mármol y madera.
Om een huis te bouwen, heb je onder andere cement, beton, zand grind, marmer en hout nodig.
el albañil
de metselaar, de bouwvakker
el enlucido
het pleisterwer
el enlucido con yeso
het gipsen pleisterwerk
el ladrillo
de baksteen
la piedra
de steen
el hormigón
het beton
el yeso
het gips
la grava
het grind, het gravel
el grifo
de waterkraan
la tubería
de pijpleiding
picar
steenhouwen, afbikken
salirse
lekken, overstromen
Se sale la tubería.
De leiding lekt.
el tubo
de buis, de pijp, de leiding
El tubo del gas está roto.
De gasleiding is kapot.
el clavo
de spijker
el matrillo
de hamer
el tornillo
de schroef
el destornillador
de schroevendraaier
las tenazas
de nijptang
la grúa
de hijskraan, de takelwagen
la pala
de schop, de bulldozer
el carpintero
de timmerman
El carpintero le arregla las persianas.
De timmerman repareert de rolluiken voor hem.
la carpintería
het timmerwerk, het houtwerk, de timmerwerkplaats
la sierra
de zaag
Se ha roto la hoja de la sierra.
Het zaagblad is kapotgegaan.
el corcho
de kurk
Juan se ha hecho una casa de madera al estilo de las finlandesas
Juan heeft een houten huis in Finse stijl gebouwd.
el/la electricista
de elektricien
No tenemos electricidad.
We hebben geen elektriciteit.
Se ha ido la luz.
Het licht is uitgevallen.
el enchufe
het stopcontact
la bombilla
de gloeilamp
fundirse
doorbranden
Se han fundido las bombillas
De gloeilampen zijn doorgebrand.
el cable
de kabel, het snoer
la tensión
de spanning
el fusible
de stop, de zekering
Ha saltado el fusible.
De stop is doorgeslagen.
el cortocircuito
de kortsluiting
el interruptor
de schakelaar, de lichtschakelaar
instalar
installeren, aanleggen
la pintura
de verf, het schilderwerk
Usamos pintura plástica porque dura más.
We gebruiken acrylverf omdat die langer meegaat.
Vamos a pintar la casa.
We gaan het huis verven.
pintado/a
geschilderd, geverfd
recién
pas
el armario
de kast
el papel pintado
het behang
el pincel
de penseel, de kwast
la brocha
de kwast
el aguarrás
de terpentine
la laca
de lak
la teja
de dakpan
la viga
de balk, de bint
el pilar
de pilaar, de zuil
el arco
de boog
la columna
de zuil, de pilaar
la cúpula
de koepel
el azulejo
de tegel
Los azulejos son una herencia árabe.
Tegels zijn een erfenis uit de Moorse tijd.
el mármol
het marmer
recto/a
recht
Esta pared no está recta.
Deze wand is niet recht.
torcido/a
scheef
llano/a
vlak